Het begeleidingstraject omvat een 3-tal fases:  

      1.         De Onderzoeksfase,

      2.         De Herstelfase en

      3.         De Afrondingsfase.

Elke fase omvat meerdere bijeenkomsten (‘sessies’) en is per cliënt verschillend. De begeleiding start -na een kennismakingsgesprek- met een intake. Daarin worden een 6-tal vragenlijsten ingevuld. De vragenlijsten bevatten stellingen over o.a. denkpatronen, aannames, overtuigingen, gevoelswereld, etc. Dit is voor de coach het moment van de ‘o-meting’.

Aan de hand van de scores per (deel-)gebied en vooral ook hun onderlinge verbanden brengen wij in beeld waar de onbalans door veroorzaakt wordt en in welke mate, die jouw ‘zijn’ beïnvloedt.

In de onderzoeksfase wordt aan de hand van theorie, modellen, oefeningen en (huiswerk-) opdrachten het inzicht in de eigen processen bij de cliënt vergroot.

Daardoor gaat hij/zij inzien/wordt zich stap-voor-stap bewust hoe bv. bepaalde gedachten zijn/ haar gedrag beïnvloeden of waarom hij/zij zo perfectionistisch is of waarom hij/zij altijd vlucht voor confrontaties.

 

Als alle (deel-)gebieden door cliënt -onder begeleiding van de coach- in beeld gebracht zijn en de cliënt ontdekt heeft welke invloed wat heeft op verstoring van de balans, kan naar fase 2 Herstelfase overgegaan worden. Daarin wordt door de cliënt -onder begeleiding van de coach- ook weer aan de hand van theorie, modellen, oefeningen en (huiswerk-) opdrachten geleerd om de werkelijkheid uit fase 1 te herkennen en vooral te erkennen. Daardoor gaat hij/zij zich-/haarzelf steeds meer accepteren, liever benaderen en gaat in een veel vroeger stadium dan daarvoor signalen van disbalans herkennen/ervaren. er wordt dus verder gewerkt aan het het ontdekken van de patronen, die de oorzaak zijn van de onbalans, welke overtuigingen daar onder zitten en hoe het dwingende karakter daarvan weg genomen kan worden.  

Deze fase 2 wordt afgesloten met een(-zelfde) meting (‘ tussenmeting’) als bij de intake. Uit de scores zal de coach afleiden of cliënt op de goede weg is en aan welke ‘stukken’ van cliënt in de herstelfase extra aandacht besteed moet worden. Cliënt leert bij te sturen en steeds meer de regie over zijn/haar eigen leven in de hand te nemen/te houden.

 

In fase 3 de Afrondingsfase leert cliënt steeds meer op eigen benen te staan en worden de ‘puntjes op de i gezet’. Door de begeleiding/het spiegelen van de coach wordt de kans dat cliënt terugvalt in oude patronen, valkuilen, etc. steeds kleiner. 

Ook deze fase 3 wordt afgesloten met een(zelfde) meting (‘eindmeting’) als bij de intake en na afronding fase 2. Uit de scores zal de coach afleiden dat cliënt zijn/haar disbalans blijvend heeft opgelost en de cliënt met vertrouwen los kan laten, want die is nu instaat om op tijd zelf bij te sturen en de juiste keuzes te maken.  omvat een 3-tal fases:  



In de onderzoeksfase wordt aan de hand van theorie, modellen, oefeningen en (huiswerk-)opdrachten het inzicht in de eigen processen bij de cliënt vergroot.


 


In fase 2 wordt cliënt ook weer aan de hand van theorie, modellen, oefeningen en (huiswerk-)opdrachten geleerd om de werkelijkheid uit fase 1 te herkennen en vooral te erkennen. Daardoor gaat hij/zij zich-/haarzelf steeds meer  accepteren, liever benaderen en gaat in een veel vroeger stadium dan /ervaren. Hierdoor leert de cliënt bij te sturen en steeds meer de regie over zijn/haar eigen leven in de hand te nemen/te houden.

 

 

In fase 3 de Afrondingsfase leert cliënt steeds meer op eigen benen te staan en worden de ‘puntjes op de i gezet’. Door de begeleiding/het spiegelen van d

1.        De Onderzoeksfase,

2.        De Herstelfase en

3.        De Afrondingsfase.

Elke fase omvat meerdere bijeenkomsten (‘sessies’) en is per cliënt verschillend. De begeleiding start -na een kennismakingsgesprek- met een intake. Daarin worden een 6-tal vragenlijsten ingevuld. De vragenlijsten bevatten stellingen over o.a. denkpatronen, aannames, overtuigingen, gevoelsleven, etc. Dit is voor de coach het moment van de ‘o-meting’.

Aan de hand van de scores per (deel-)gebied en vooral ook hun onderlinge verbanden brengen wij in beeld waar de onbalans door veroorzaakt wordt en in welke mate, die jouw ‘zijn’ beïnvloedt.

In de onderzoeksfase wordt aan de hand van theorie, modellen, oefeningen en (huiswerk-)opdrachten het inzicht in de eigen processen bij de cliënt vergroot.

Daardoor gaat hij inzien/wordt zich stap-voor-stap bewust hoe bv. bepaalde gedachten zijn/haar gedrag beïnvloeden of waarom hij/zij zo perfectionistisch is of waarom hij/zij altijd vlucht voor confrontaties.

 

Als alle (deel-)gebieden door cliënt -onder begeleiding van de coach- in beeld gebracht zijn en de cliënt ontdekt heeft welke invloed wat heeft op verstoring van de balans, kan naar fase 2 Herstelfase overgegaan worden. Deze fase 2 wordt afgesloten met een(-zelfde) meting (‘ tussenmeting’) als bij de intake. Uit de scores zal de coach afleiden of cliënt op de goede weg is en aan welke ‘stukken’ van cliënt in de herstelfase extra aandacht besteed moet worden.   

In fase 2 wordt cliënt ook weer aan de hand van theorie, modellen, oefeningen en (huiswerk-)opdrachten geleerd om de werkelijkheid uit fase 1 te herkennen en vooral te erkennen. Daardoor gaat hij/zij zich-/haarzelf steeds meer  accepteren, liever benaderen en gaat in een veel vroeger stadium dan daarvoor signalen van disbalans herkennen/ervaren. Hierdoor leert de cliënt bij te sturen en steeds meer de regie over zijn/haar eigen leven in de hand te nemen/te houden.

 

 

 Afrondingsfase leert cliënt steeds meer op eigen benen te staan en worden de ‘puntjes op de i gezet’. Door de begeleiding/het spiegelen van de coach wordt de kans dat cliënt terugvalt in oude patronen, valkuilen , etc. steeds kleiner. Ook deze fase 3 wordt afgesloten met een(zelfde) meting (‘ eindmeting’) als bij de intake en na afronding fase 2. Uit de scores zal de coach afleiden dat cliënt zijn/haar disbalans blijvend heeft opgelost en de cliënt met vertrouwen los kan laten, want die is nu instaat om op tijd zelf bij te sturen en de juiste keuzes patronen, valkuilen , etc. steeds kleiner. Ook deze fase 3 wordt afgesloten met een(zelfde) meting (‘ eindmeting’) als bij de intake en na afronding fase 2. Uit de scores zal de coach afleiden dat cliënt zijn/haar disbalans blijvend heeft opgelost en de cliënt met vertrouwen los kan laten, want die is nu instaat om op tijd zelf bij te sturen en de juiste keuzes te maken. 


 
 
 
E-mailen
Bellen
Info
LinkedIn